U wilt een pand verduurzamen?
Met de verduurzamingscalculator kunt u eenvoudig een indicatie van de kosten van de verduurzaming van uw pand berekenen. Klik hier om te starten.
Welk Duurzaamheidslabel?
Geef door middel van eenvoudige vragen aan welke duurzaamheidsaspecten van belang voor u zijn en zie welke labels het best aansluiten bij uw wensen. Doe de duurzaamheidslabel check hier.
Partners

Duurzame evenementen

  • Hulp voor Toezichthouders ! meer »
    27 mei 2013
  • Gratis Symposium "Het verduurzamen van bestaand vastgoed" meer »
    30 mei 2013
  • Workshop - Esco's en energieprestatiecontracten meer »
    12 juni 2013 13:30
  • Workshop duurzame portefeuille analyse meer »
    27 juni 2013 13:30
Toren windmolens De gebouwde omgeving is goed voor circa 30% van de uitstoot van CO2. Het is daarom van belang dat duurzaamheid van vastgoed hoog op de agenda wordt geplaatst en dat alle duurzame maatregelen ook in de praktijk worden toegepast. Bij Duurzaamheid behoren niet alleen duurzame oplossingen en maatregelen ook dient er rekening gehouden te worden met de economische levensduur, terug verdientijd en de technische levensduur.

Archive for the ‘Nieuws’ Category

Symposium over Greenlease, ESCo’s en gebouwautomatisering

HoneywellGeachte bezoeker,

Graag nodigen wij u uit voor het symposium met als thema “Het verduurzamen van vastgoed” dat het kennisplatform DuurzaamVastgoed.Com samen met Honeywell organiseert. In deze tijd waarin de nieuwbouw van (commercieel) vastgoed nagenoeg stil ligt, is het voor iedere vastgoedbelegger een uitdaging om haar portefeuille onder de loep te nemen en te kijken welke mogelijkheden er zijn om binnen een aanvaardbare periode haar objecten te verduurzamen. Zaken zoals Esco’s, Greenlease en Energie management behoren tot de mogelijkheden en zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Daarom organiseert het kennisplatform DuurzaamVastgoed.Com samen met Honeywell een bijeenkomst waarin juist deze onderwerpen ter sprake komen en waar u na afloop direct mee aan de slag kunt. De nadruk van dit symposium ligt dan ook op een praktijkgerichte bijeenkomst waarbij inzicht wordt gegeven in de nieuwe verdienmodellen die het verduurzamen van bestaand vastgoed kunnen versnellen en de mogelijkheid om de experts van het kennisplatform te ontmoeten.

Voor wie: Vastgoedbeleggers, adviseurs, installateurs en andere belanghebbenden die bezig zijn met verduurzaming van vastgoed.

Wanneer: Donderdag 30 mei 2013
Waar: Honeywell B.V., Laarderhoogtweg 18, 1101 EA AMSTERDAM Z.O.

Programma
Het programma ziet er als volgt uit:
15:00 Ontvangst
15:30 – 16:00 uur Greenlease Ronald Bausch (Jones Lang LaSalle)
16:00 – 16:30 uur Esco’s Hans Korbee (AgentschapNL)
16:30 – 17:00 uur Energiemanagement Marco van der Kallen (Honeywell BV)
17:00 Netwerk borrel

Aanmelden:
U kunt zich aanmelden door voor 11 mei a.s. een e-mail te sturen naar duurzaamvastgoed.com o.v.v. contactgevens naam, bedrijfsnaam, functie en telefoon.

Deelname is gratis, maar let op want er zijn slechts 70 plaatsen beschikbaar dus reageer snel!

Parkeren is gratis

Wij zien, mede namens kennisplatform DuurzaamVastgoed.Com, uw aanmelding met belangstelling tegemoet en ontvangen u graag op 30 mei a.s. te Amsterdam.

Met vriendelijke groet,
Honeywell B.V.

Bob Heil
Country Sales Leader
Environmental and Combustion Control Products

Breeam heeft marktaandeel van 63% in Europa

BreeamMet betrekking tot de certificering van vastgoed hebben bedrijven in Europa nu een breed verscheidenheid aan opties. Ze kunnen kiezen, onder andere, uit de Amerikaanse LEED, het Britse BREEAM, de Duitse DGNB, de Franse HQE en de Europese
EU Green Building certificaat. In de 2013 enquête van IVG hebben Europese bedrijven liever BREEAM (42%) en LEED (37%) certificaten. Ondanks het relatief hoge Duitse deelname aan de enquête, wordt het Duitse DGNB certificaat maar door de 11% van de respondenten gebruikt en trekt nauwelijks de aandacht niet op Duits-sprekende landen. Het Europese Unie Green Building certificaat scoort slechts 11% van de bedrijven. Dit bevestigt het beeld uit een eerdere enquête van IVG uit 2011. BREEAM en LEED zijn favoriet in Europa.

De resultaten van de enquête worden ook ondersteund door een analyse van uitgegeven certificaten. De BREEAM en LEED certificaten worden in heel Europa gebruikt. BREEAM heeft een dominante positie niet alleen in het Verenigd Koninkrijk, maar ook in de Benelux en in Oost-Europa. Daarentegen wordt LEED op grote schaal gebruikt in Scandinavië, Italië en in Turkije en concurreert het met BREEAM in markten op het Iberisch schiereiland. In termen van aantallen is het BREEAM-certificaat de marktleider in heel Europa met een aandeel van 63% van de certificaten uitgegeven conform de BREEAM methodiek. Dit is hoger dan de 50% gemeten tijdens de vorige IVG enquête in 2011.

Bron: IVVD.nl

Uneto-VNI: Energielabel-light is ‘window-dressing’

energielabelwoning trapEen Energielabel-light is geen serieus alternatief voor het gewone Energielabel. Dat vindt Uneto-VNI. Logischerwijs is de brancheorganisatie daarom ook geen voorstander van invoering.
De Tweede Kamer overlegt binnenkort over het energielabel en daarbij komt ook het Energielabel-light aan de orde. Verspilde moeite, vindt de organisatie; het Energielabel-light is geen serieus alternatief. Uneto-VNI is wel voorstander van de invoering van het energielabel voor woningen, omdat het consumenten bewust maakt van hun energieverbruik.

Maar dat is nu precies wat het ‘energielabel-light’ niet doet. Volgens de methode krijgt iedere woning een indicatief energielabel op basis van toen kenmerken die de bewoner zelf invult. Omdat dit label niet wordt toegekend door een deskundige die de situatie ter plekke beoordeelt, levert het hooguit een indicatie op van het mogelijke energieverbruik. Het ‘energielabel-light’ heeft daardoor geen enkele waarde en kan bijvoorbeeld niet worden gebruikt als basis voor de verstrekking van een hypotheek of het verlenen van een subsidie voor energiebesparende maatregelen.

Energie besparen, daar is het echte energielabel voor woningen op gericht. Een ‘energielabel-light’ komt bij die doelstelling niet in de buurt. De brancheorganisatie noemt het Energielabel-light daarom ‘window dressing’: we doen dan alsof duurzaamheid ons echt aan het hart gaat, maar we gaan de noodzakelijke maatregelen uit de weg. Terwijl de ervaring met auto’s en witgoed laat zien dat een energielabel werkelijk iets teweeg kan brengen.

Fabrikanten geven het label een prominente plaats in hun communicatie en consumenten laten hun keuze steeds vaker beïnvloeden door informatie over het verbruik. Als we een volwaardig energielabel invoeren, gaat dat ongetwijfeld ook bij woningen gebeuren. De overheid heeft de kans om dat effect te bevorderen door een differentiatie aan te brengen in het eigen woningforfait en de ozb-aanslag. En in de vorm van fiscale maatregelen met betrekking tot de hypotheekrente.

Als ondernemersorganisatie wil Uneto-VNI een actieve rol spelen om het energielabel tot een succes te maken. Zo is een rekentool ontwikkeld die de opname van het energielabel veel makkelijker maakt. De overheid heeft herhaaldelijk de ambitie uitgesproken om het energieverbruik fors te verminderen. Bij die ambitie past een consistent beleid met stevige besluiten.

De invoering van een volwaardig energielabel voor woningen is zo’n besluit. Alleen een volwaardig energielabel zal werkelijk effect hebben op het energieverbruik van woningen. De Tweede Kamer kan een inspirerend startsein geven voor een structurele energiebesparing, vindt Uneto-VNI.

Bron: Installmedia.nl

KLEIWEG GOUDA BEHAALT 3 STERREN BREEAM-NL NIEUWBOUW ONTWERPCERTIFICAAT

BREEAMDe herontwikkeling van een tweelaags winkelcomplex aan de Kleiweg in Gouda heeft het 3 sterren BREEAM-NL Nieuwbouw ontwerpcertificaat, voorheen very good behaald.

Flink isoleren, een gestructureerd afvalbeleid en hergebruik van het bestaande casco, de vloeren en de gevels maken deze score mogelijk. De belangrijkste ingrepen zijn het dichtzetten van een winkelpassage ten gunste van meer winkeloppervlak en het totaal vernieuwen van de gevel aan de Kleiweg. De bestaande gevel had een sterke horizontale betonnen structuur, terwijl de nieuwe voorgevel is vormgegeven in een historiserende stijl die in maat, schaal en architectuur aansluit op het historische karakter van de binnenstad.

Bron: http://www.soetersvaneldonk.nl
Bron: Breeam.nl

Wageningen uitgeroepen tot Solar City 2013

ZONNEPANEELTijdens het Nationaal Zonne-energiedebat is bekendgemaakt dat Wageningen zowel door een vakjury als het publiek verkozen is tot Solar City 2013. In een driestrijd wist de Wageningen de Friese gemeente Leeuwarden en het Zuid-Hollandse Goeree-Overflakkee achter zich te houden. De Solar City 2013-verkiezing werd georganiseerd als onderdeel van de Europese promotiecampagne Solar Days die in Nederland nog tot en met 16 mei loopt.

De stem van het publiek werd voor de einduitslag opgeteld bij de scores die toegekend zijn door de jury. De jury bestaat uit vertegenwoordigers van Holland Solar, Agentschap NL, Vereniging Eigen Huis en UNETO-VNI. De jury laat weten Wageningen tot winnaar te hebben verkozen om de volgende redenen: ‘De gemeente Wageningen kent niet alleen een hoge zonnepaneeldichtheid, maar bevindt zich ook erg dicht bij de burger. Niet alleen door informatiebijeenkomsten met bewoners die de stichting Zonne-energie Wageningen onder andere organiseert, maar vooral ook door de diversiteit van de vele initiatieven. Wat de jury bijzonder waardeert is dat Wageningen ook actief marktbelemmeringen aanpakt, zoals de ‘split incentive’ en de salderingsproblematiek. Verder valt de jury de architectonische inpassing van PV (BIPV) in De Vlinder op.’

European Solar Days
Nederlandse belangenorganisaties organiseren ook dit jaar weer samen de Solar Days, de promotiecampagne voor zonne-energie. Tijdens de Solar Days zijn overal in het land informatiebijeenkomsten, workshops, open huizen en rondleidingen op het gebied van zonne-energie. Zonne-energie is een doeltreffende manier om energie op te wekken en bij te dragen aan het aandeel duurzame energie in Nederland.

Anders denken over particuliere energienetten

HWIInstellingen laten kansen liggen door verouderd energienet

Onderzoek laat zien dat er voor instellingen winst te behalen valt wanneer kritisch en met een lange termijn focus naar de aanwezige (energie)infrastructuur wordt gekeken. Hoe zit het met de infrastructuur, het beheer en onderhoud van dergelijke netten? Wanneer is een net verouderd? Wat kan een ESCo voor een instelling betekenen? In dit artikel leest u hier meer over.

In het begin van de vorige eeuw zijn in Nederland veel instellingsterreinen ontstaan: zorg- en ziekenhuisterreinen, vakantieparken, militaire terreinen of onderwijsterreinen in een campusachtige setting. De energievoorziening van zo’n terrein is meestal relatief eenvoudig. Aan het begin van het terrein staat een grote meter van de netbeheerder. Deze meter is aangesloten op het particuliere net dat eigendom is van de instelling. Dit net voedt alle gebouwen op het terrein. Onderhoud en beheer wordt door de eigen technische dienst uitgevoerd (zie fig. 1) Op deze manier wordt niet alleen het elektriciteitsnet gevormd, maar ook de voorziening voor water, warmte, aardgas, riolering, telefonie en eventueel glasvezel.

Meestal is dit een al jaren prima functionerende situatie zolang alles technisch goed blijft werken en zowel de organisatie als het terrein niet ingrijpend veranderen. Steeds vaker echter treden die veranderingen wel op en/of is er ook sprake van het technisch achterop raken van het systeem. Waar er voor het aanwezige vastgoed wel naar het lange termijnperspectief wordt gekeken, is dat voor de energie-infrastructuur vaak niet het geval. Juist hier valt veel winst te behalen voor instellingen. Zowel financieel als op het gebied van onderhoud en beheer van het net.

Technische veroudering
Elk net, zo ook een particulier net, bereikt eens het einde van zijn technische levensduur. Het net wordt onbetrouwbaar door storingen of het aanbod is niet meer toereikend voor de toegenomen vraag. Of dit het geval is, kan met metingen en inspecties door gespecialiseerde bedrijven vrij eenvoudig worden vastgesteld. Helaas gebeurt dit vaak pas achteraf.
fig 1 hwi
Het kan ook zijn dat het net technisch bekeken nog prima functioneert. Echter de technologische ontwikkelingen zijn inmiddels zo ver dat het net geen ondersteuning meer biedt aan de huidige technische standaard. Ook dan is een net, technisch bekeken, verouderd. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de digitalisering van diverse systemen zoals telefonie, televisie of zorgautomatisering. De uitbreiding van de capaciteit of vervanging van het particuliere net vraagt op zo’n moment een hoge investering van de instelling.

Wijzigingen in bebouwing
Een particulier net kenmerkt zich doordat ieder gebouw op het terrein is aangesloten op dit net. Wanneer er iets wijzigt in de aanwezige gebouwenstructuur, dan heeft dit invloed op de capaciteit van het net. Of het nu gaat om sloop, nieuwbouw, renovatie of een wijziging in gebruik. Als een gebouw een andere functie krijgt bijvoorbeeld, kan het energie-afnamepatroon veranderen. Hierdoor kan (tijdelijk) een tekort of overschot in de capaciteit van het particuliere net ontstaan. Daarnaast kan het voorkomen dat een gebouw dat gesloopt wordt een knooppunt is in het aanwezige particuliere net. Ook dat heeft gevolgen voor de infrastructuur van het net. Ook de verkoop van een gebouw kan gevolgen hebben.

Kansen
Wanneer het particuliere net gewijzigd moet worden, kan dit de instelling veel kansen bieden. Het geeft de mogelijkheid om technische vernieuwing door te voeren en de energievoorziening meer solide te maken. Ook op het financiële vlak en op het gebied van comfort (ontzorging en lage exploitatiekosten) is veel winst te behalen wanneer het particuliere net wordt aangepakt.

Toepassing van nieuwe technieken
Het toepassen van nieuwe technieken kan lonend zijn. Vanuit het oogpunt van comfort (lage exploitatiekosten, eenvoudig beheer) maar ook vanuit financieel opzicht. Bijvoorbeeld voor warmte- koude opslag (wko) is een bepaalde minimum schaalgrootte nodig. Voor een enkel gebouw is wko soms niet rendabel, voor een deel van een instellingsterrein vaak wel. Een ander voorbeeld is de toepassing smart grids: gebouwen worden voorzien van slimme meters die energiestromen monitoren en (in de toekomst) ook actief besturen. Diverse pilots wijzen uit dat aanpassen van het gedrag na monitoring alleen al tot wel 10% energiebesparing kan opleveren. Nog een voorbeeld is de steeds verdergaande digitalisering van systemen (denk aan telefonie, televisie, zorgautomatisering, gebouwbeheerssystemen). Hiervoor waren vroeger veel verschillende kabels nodig. Tegenwoordig kunnen er veel verschillende diensten door één en dezelfde glasvezelverbinding.

Andere wijze van beheer en financiering
Vernieuwing van een particulier net biedt tevens de mogelijkheid om de wijze van beheer en financiering anders te organiseren. Voor veel organisaties is het beheren en het financieren van een particulier net geen kerntaak en wordt het als een noodzakelijke belasting voor de eigen organisatie ervaren. Beiden kunnen echter ook bij een derde partij neergelegd worden. Er zijn meerdere manieren waarop dit gedaan kan worden. Bijvoorbeeld door het contracteren van een ESCo, het aangaan van taakstellende contracten met leveranciers of het afstoten van het netwerk. Hieronder wordt wat dieper in gegaan op deze mogelijkheden.

Extern beheer en financiering
Een interessante optie voor instellingen is het uitbesteden van het beheer en de financiering van een particulier net aan een derde partij. Er komen steeds meer partijen die gespecialiseerd zijn in het financieren en/of het beheren van dit soort infrastructuren. Wat zijn in dat geval de mogelijkheden?

• Het contracteren van een Energy Service Company (ESCo): hierbij besteedt een eigenaar/gebruiker van een particulier net of gebouw zowel de energievoorziening, investeringen, onderhoud als het beheer uit aan een externe partij. Een ESCo bezit veel kennis en ervaring op energiegebied. Contractvormen van een ESCo zitten veelal zo in elkaar dat de ESCo en de instelling een gemeenschappelijk belang hebben bij lagere energiekosten. Een ESCo kan met risicodragende investeringen meer resultaat bieden tegen lagere energiekosten. De eigen organisatie van de instelling wordt hierbij ontlast.
• Een facility management contractor of een installateur kan worden gecontracteerd voor onderhoud en beheer. Op basis van vastgelegde en meetbare service afspraken (SLA’s) en kwaliteitsafspraken (KPI’s) wordt de instelling ontlast van een taak die niet tot haar kerntaken behoort.
• De netbeheerder kan het particuliere net overnemen: elk gebouw wordt hierbij afzonderlijk aangesloten op het openbare net. Het particuliere net wordt dan vervangen door een net volgens de kwaliteitsnormen van de netbeheerder. De netbeheerder zal zijn wettelijk gereguleerde functie voor elk gebouw afzonderlijk uitvoeren in plaats van alleen voor de terreinaansluiting.

Tot slot
Door het anders benaderen van particuliere (energie)netten is voordeel te behalen voor instellingen. Daarbij is het van belang niet alleen naar korte termijndoelstellingen te kijken, maar een infrastructuur te realiseren die gericht is op de toekomst. Zowel op het gebied van duurzaamheid en comfort, maar ook op financieel gebied is dan winst te behalen. Door het aangaan van nieuwe samenwerkingen ontstaan meer mogelijkheden voor instellingen. De kaders in dit artikel illustreren dit met praktische voorbeelden. Door tijdig en strategisch te handelen wordt voorkomen dat er onder tijdsdruk beslissingen worden genomen die nadelig zijn voor de lange termijn.

Hilco Witteveen is adviseur energie en gebouw bij AT Osborne. Vanuit een installatietechnische achtergrond spant hij zich in om energie en exploitatiekosten in de gebouwde omgeving te verlagen, zodat organisaties meer geld beschikbaar hebben voor hun kerntaken. Hij is te bereiken via hwi@atosborne.nl .

Historische molen gaat windenergie opwekken

Historische-windmolen-blokEen historische molen van 162 jaar oud in Ruurlo gaat windenergie opwekken. Eigenaar Vaags, een houtzagerij, heeft een turbine geplaatst in de molen.

De molen, Agneta genaamd, is vooral bedoeld als proefproject, aldus Vaags.

Op normale snelheid, 120 omwentelingen per minuut, heeft de molen een vermogen van 12 kilowatt. Naar verluidt produceert de molen genoeg stroom voor enkele huishoudens, maar wordt er nog niet geleverd aan het stroomnet.

De initiatiefnemers benadrukken dat dit soort constructies met historische windmolens inmiddels praktisch toepasbaar zijn door beter techniek.

Meer info

Bron: http://groenecourant.nl/

Infocentrum Duurzame Energie Flevoland van start

ibm-zonnepaneel-1Achter de schermen is er hard aan gewerkt – en dat gaat de komende weken nog door – maar het is een feit: het Infocentrum Duurzame Energie Flevoland aan de Runderweg in Lelystad gaat van start. Partners in dit project zijn IVN Flevoland, WUR/ACRRES en Provincie Flevoland.

Het Infocentrum fungeert als educatie- en testlocatie voor innovatie, kennisontwikkeling en kennisdeling over duurzame energie en energieopwekking in Flevoland. Door middel van educatie, communicatie en participatie verhoogt het infocentrum de kennis en het bewustzijn over duurzame energie , en duurzaam gedrag bij Flevolanders. Het infocentrum laat zien wat er in Flevoland gebeurt op het gebied van duurzame energie, en betrekt daarbij verschillende partijen, zoals het mkb, onderwijs, overheden en maatschappelijke organisaties. Op deze manier vormt het Infocentrum een duurzaamheidsknooppunt tussen verschillende partijen en netwerken.

De samenwerking tussen IVN en ACRRES heeft een grote meerwaarde: wetenschappelijke kennis over duurzame energie en energieopwekking wordt bruikbaar voor een breder publiek, met name voor het onderwijs. Flevolandse jongeren worden op deze manier goed voorbereid op de toekomst van de groene economie.

Aanbod
Voor het basis- en het voortgezet onderwijs biedt het infocentrum een educatief programma, met energielessen op school, maar ook lablessen en excursies op locatie.

Met kijk- en doedagen, lezingen, symposia en een energiefestival richten we ons op een breder publiek: omwonenden, betrokken en minder betrokken Flevolanders, ondernemers, maatschappelijke organisaties en overheden.

Nog voor de zomer leidt het infocentrum energie- en duurzaamheidsvrijwilligers op, die rondleidingen geven op locatie, maar die ook breder inzetbaar zijn, bijvoorbeeld bij woningbouwcoöperaties.

Opening
Na de zomer, met het begin van het nieuwe schooljaar, gaat het Infocentrum officieel van start met een feestelijke opening en onthulling van de naam.

Meer info

ONTWERP HEERLEN ALWEER DERDE GECERTIFICEERDE RABOBANK-KANTOOR

rabobankHet ontwerp voor het Rabobank-kantoor in Heerlen heeft een 3-sterren BREEAM-NL Ontwerp certificaat verworven. Het is alweer het derde kantoor van de Rabobank met een BREEAM-NL Keurmerk.

Het nieuwe kantoor in Heerlen is een renovatie van het huidige kantoorpand van Rabobank Parkstad. Het bestaande pand wordt uitgebreid met 1000 vierkante meter vloeroppervlak. en voorzien van nieuwe gevels, patio’s en klimaatinstallatie. Het is in meerdere opzichten duurzaam: in flexiblititeit waardoor het pand ook in de toekomst geschikt gemaakt kan worden voor een andere gebruiker. En ook qua materiaal is het duurzaam, bijvoorbeeld door het groene dak en de speciale betonelementen. Ook is er veel ruimte voor licht door de open uitstraling.

Hoge verwachtingen van lancering Sinusoidal Roof Wall golfplaatpaneel

KingspanKingspan Geïsoleerde Panelen komt in mei met de officiële lancering van het langverwachte Sinusoidal Roof Wall golfplaatpaneel. Momenteel worden hiervoor de laatste voorbereidingen getroffen. Meerdere fabrikanten zijn hierin al voorgegaan. Toch heeft Kingspan 5 jaar geleden bewust besloten om dit paneel in 2013 te introduceren. Gemiste kans of voortschrijdend inzicht?

Met de lancering van het unieke golfplaatpaneel, dat zichtbaar wordt bevestigd, speelt Kingspan Geïsoleerde Panelen in op de recente ontwikkelingen rond het thema asbestsanering. In de afgelopen decennia zijn veel hellende daken voorzien van asbesthoudende- of vezelcement golfplaten. De typische vormgeving van dit golf(dak)profiel wordt al regelmatig gevraagd door onder meer Welstandorganisaties en sommige gemeenten prefereren zelfs de toepassing hiervan. Met de komst van het Sinusoidal Roof Wall golfplaatpaneel wordt de markt – opdrachtgevers, bouwers, schadeverzekeraars en adviesbureaus in de agrarische sector – nog beter bediend.

Alhoewel wettelijk gezien in 2024 asbestvezels uit alle gebouwen verdwenen moeten zijn, gaan er steeds vaker stemmen op in politiek Nederland om deze noodzakelijke sanering te vervroegen. Kingspan Geïsoleerde Panelen verwacht dat de enorme voorraad aan bestaande asbestdaken vanaf 2013 versneld gesaneerd zal gaan worden, waardoor een explosieve vraag naar geïsoleerde dakpanelen zal ontstaan.

Isolatiekern
Het Sinusoidal Roof Wall sandwichpaneel is voorzien van een hoogwaardige PIR-isolatiekern met brandveilige eigenschappen en heeft een uitstekende isolatiewaarde. Hierdoor is een minimale dikte van het milieuverantwoorde isolatiemateriaal nodig. Deze hoogwaardige isolatiekern met brandveilige eigenschappen presteert beduidend beter dan de grenswaarden van de Europese brandklasse en draagt niet bij aan branduitbreiding. Bij direct contact met vuur ‘verschroeit’ het oppervlaktemateriaal kortstondig en vormt het onmiddellijk een koollaag, waardoor de isolatiekern niet in contact komt met de vlammen en intact blijft.

Nieuwsbrief
Sociale Media
Volg duurzaam vastgoed op Twitter Volg duurzaam vastgoed op facebook Volg duurzaam vastgoed op facebook
Experts
Poll

Het 'Sloopfonds', een goed idee!

Bekijk resultaten

Loading ... Loading ...